Close Menu
Spoed? Bel 06 55 37 00 00 Op spoednummer geen APP/SMS (doorgeschakeld)
Geen spoed? Bel dan tijdens spreekuur
Ma t/m vr van 8.00 - 9.00 uur: 0252-534340

West Nile Virus

 

1937 IN OEGANDA

Het West Nilevirus (WNV) werd eerst gevonden in de provincie West Nile van Oeganda in 1937, in het bloed van een volwassen vrouw. Zo kreeg het een naam. De naam doet ons nu denken aan een ziekte die alleen in warme, verre landen voorkomt. Maar het komt helaas ook voor in Europa en USA. In Nederland hebben we er gelukkig nog nooit mee te maken gehad.

Experts wijzen op een hoge waarschijnlijkheid, dat we er ooit wel een keer te maken mee gaan krijgen. De openstaande vraag is dan wanneer exact en in welke mate, niemand kan hier exact in adviseren. Het is in ieder geval wel later dan verwacht, want de afgelopen jaren zat Nederland niet in de gevarenzone.

 

EEN CIRCEL VIA MUGGEN EN VOGELS

Het West Nilevirus (WNV) is een virus dat zich vermenigvuldigt in vogels. Sommige vogeltypen gaan daardoor dood, anderen niet. Het probleem is dat bepaalde typen muggen dan weer de vogels bijten die het West-Nijlvirus dragen en nieuwe vogels, die raken zo ook geïnfecteerd. Gaan die muggen eitjes leggen, dan zijn alle kleintjes ook gelijk besmet. Geïnfecteerde muggen geven het virus door wanneer ze vervolgens een mens, een paard of een ander dier bijten. Dat zijn dan ''dead-end'' gastheren. 

 

DE DEAD END GASTHEER

Het virus stopt dan met zijn verspreiding, omdat het in principe niet verder van paard op paard of van paard op mens of ander zoogdier worden overgedragen, tenzij er bijv. een bloedtransfusie of transplantatie komt. Daarom wordt donorbloed bij de meeste bloedbanken gecontroleerd op WNV. De “dead-end gastheren” hebben echter te weinig virus in het bloed, om het weer verder over te dragen via de mug. 

 

VERSPREIDING WNF OVER DE WERELD

WNV ging zich in de loop der jaren verspreiden naar gebieden rond de Middellandse zee, India en Centraal- en Zuid-Afrika. Daarnaast komt WNV vanaf 2000 ook in Amerika voor (neervallende kraaien kondigden de ziekte aan) en heeft zich daar binnen enkele jaren over het heel Amerika en delen van Canada verspreid.

De verspreiding van WNV gebeurt doorgaans in periodes dat de muggen actief zijn, bij ons is dit gemiddeld van juni tot en met oktober. Het WNV is echter nog nooit in Nederland geconstateerd, maar wel in Italie. Op deze link kunt u bij verdere interesse de laatste verspeidingsoverzichten vinden: het European Centre for Disease Prevention and Control 

 

WAT DOET HET?

De infectie is vaak ongemerkt aanwezig. Men schat dat we het in 90% van de gevallen niet merken, 10% krijgt last van ziektesymptomen. Men denkt dat oudere paarden slechter tegen het virus op kunnen komen. Het geeft weinig of wat verdere griepachtige symptomen: sloomheid, slecht of niet eten en koorts. Van die 10% schat men dat in ruwweg 30% van die gevallen er hersenvliesontstekingen en duidelijk zichtbare neurologische symptomen volgen: spiertrillingen, ataxie, tijdelijke of permanente verlammingen en gedragsveranderingen. Het vooruitzicht voor deze problematische groep is sterk wisselend. Er is geen medicijn, er zijn wel ontstekingsremmers, vochtbeheersers en neussondevoeding maar moeder natuur bepaald of er na het doorlopen van de ziekte voldoende kwaliteit voor het leven behouden wordt.

 

CIJFERS BIJ MENSEN

Men schat dat bij mensen het bij circa 10% van de infecties daadwerkelijk tot klachten leidt. Ongeveer 10% daarvan krijgt neurologische verschijnselen, dus 1% van het aantal geinfecteerde mensen. Van 1996 tot 2013 leidde dit in de Verenigde Staten tot ongeveer 16.000 neurologische patienten, waarvan veel mensen er gevolgen aan overhielden. Er zijn ongeveer 1500 mensen overleden. In de EU zijn tot 2013 167 ziektegevallen geconstateerd. Het blijkt dat het virus in Europa niet exact hetzelfde is.

 

BIJ PAARDEN

Voor paarden hebben we, vanwege registratieproblemen, minder exacte gegevens. Maar de afgelopen jaren werden in de Verenigde Staten toch weer veel paarden ziek. WNV is daar een serieus probleem geworden. De gemelde activiteit kunt u per Staat opzoeken op http://www.equinediseasecc.org/outbreaks.aspx. Bij de geconstateerde gevallen, men gaat vaak pas specifieker zoeken als er neurologische problemen zijn, blijkt WNV bij paarden vaker een dodelijke afloop te hebben. Een paard met blijvende neurologische schade gaat in de meeste gevallen inslapen.

Gaat het paard naar het landen waar het virus actief is, dan is enting zeker een goede optie om te overwegen. Blijft het paard in Nederland, dan kan natuurlijk niemand met zekerheid zeggen of dat zinvol wordt.

 

VERMOEDEN BIJ HET PAARD

Wannneer we aanleiding hebben om WNV te verdenken, kunnen we via een bloedmonster van het paard een screening uitvoeren op antilichamen tegen het West-Nijl virus en verwante virussen. Eventueel kan deze test ook uitgevoerd worden op hersenvloeistof, dan is het nog betrouwbaarder. Bij een positieve uitslag moet het West-Nijl virus bevestigd worden door een meer specifieke en bewerkelijke test bij het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). Het vormt natuurlijk belangrijke informatie voor de volksgezondheid, wanneer er paarden besmet blijken te zijn in ons land.

 

WAT KAN HELPEN?

Het is bij een uitbraak voor iedereen belangrijk goed te onthouden waar het besmettingsgevaar vandaan komt: niet van het zieke paard zelf, maar muggen zijn en blijven de boosdoeners. Quarantainemaatregelen helpen bij dit virus niet, muggenbestrijding en vaccinaties wel. Echter, ook hier geldt dat op het moment dat het paard al ziek is, vaccinatie natuurlijk niet meer toegepast kan worden.

 

VACCINEREN?

Het is prettig te weten dat er een vaccin tegen het West-Nijl virus voor paarden beschikbaar is. In Amerika waar WNV al uitbrak, gebruikt men dit vaccin al op grotere schaal. Echter in Nederland, waar de ziekte nog niet voorkwam, gebruiken we het natuurlijk nog nauwelijks, behalve dan bij paarden die in de muggenperiodes in de directe risicogebieden gaan verblijven/reizen of mensen die kiezen voor hoge zekerheid.

Vervelend feit is dat het vaccin niet direct bescherming gaat geven. Pas 3 weken na de tweede vaccinatie (dus 6 weken na de eerste vaccinatie) is er sprake van goede bescherming. 

 

TIMING VACCINATIE

De tijd die nodig is om het vaccin bij een paard actief te krijgen (6 weken), in combinatie met de vraag wanneer en hoe het zich dan gaat verspreiden in Nederland en het feit dat vaccinatie vrijwillig is, maakt vaccinatie een volledig persoonlijke overweging. Wilt u preventief vaccineren, dan lijkt het vroege voorjaar (voor april) het slimst. Daarna is voor bescherming jaarlijks hervaccinatie nodig.

 

AFWEGING PAARDENEIGENAAR

Paarden die de ziekte krijgen scheiden zelf geen virus uit en zijn dus niet besmettelijk voor andere paarden en ook niet voor mensen. Aangezien het paard een eindgastheer is en de ziekte dus niet verder kan verspreiden, zijn er geen Europese of nationale regels voor de bestrijding en de preventie van de ziekte. Iedere eigenaar mag dus zijn eigen overwegingen maken met betrekking tot vaccinatie.

Het vaccin tegen West Nijl is dan een stukje duurder dan bijvoorbeeld voor influenza, gemiddeld zal dit ongeveer het dubbele bedrag zijn. Echter, een eigenaar kan er bij deze vaccinatie wel voor kiezen om slechts enkele paarden op zijn bedrijf te laten vaccineren omdat bescherming individueel werkt, ongeacht de vraag of de andere paarden op stal gevaccineerd zijn. Het is dus geen groepsbeslissing maar een geheel individuele afweging. Als het paard naar een gebied reist waar de ziekte gesignaleerd is, lijkt de kans op mogelijke besmetting natuurlijk hoger. 

 

MUGGEN BESTRIJDEN WAAR MOGELIJK

Het wordt belangrijk te weten dat muggen het meest actief zijn gedurende zonsopgang en zonsondergang. Het plaatsen van horren is zeer effectief tegen muggen. Een zomereczeemdeken zou het aantal prikken doen afnemen. Er zijn veel middeltjes op de markt die muggen vangen. Een forse toename van de muggen wordt negen van de tien keer veroorzaakt door een nabijgelegen zoetwaterbron. Muggen leggen hun eitjes namelijk in zoet water en muggenlarven leven zelfs tijdelijk onderwater. Een een vijver, rivier, sloot, plas of wetering… daar hebben we er genoeg van. Maar ook plassen regenwater die blijven staan door (extreem) hevige regenval trekken muggen aan, evenals volgelopen bloembakken, waterpartijtjes, verstopte dakgoten en regentonnen.

Bij ideale (vochtige en warme) omstandigheden kan een muggenplaag zich binnen slechts enkele dagen ontwikkelen. Het belangrijkste wat je kunt doen om een muggenplaag te voorkomen of bestrijden is ervoor zorgen dat water weg kan lopen. Dus lege bakken en potten in je tuin op z’n kop zetten, dakgoten schoonhouden en regentonnen regelmatig legen. Je kunt er overigens ook voor kiezen om een scheutje plantaardige olie in je regenton te gieten zodat eventuele muggenlarven verdrinken. (Bronnen: GGD, muggenbestrijding).