Alle hulp op stal?

Welke hulp verlenen we wel en niet op stallocaties?

Verschillende typen paardenartsenpraktijken

Het verschilt per paardenartsenpraktijk soms een klein beetje, wat men exact wel en niet op locatie aan dienstverlening kan of wil doen. Hier volgt een stukje overzicht en inzicht!

Werkzaamheden groeien door elkaar

Om te begrijpen hoe verschillen per paardenartsenpraktijk ontstaan kunnen zijn, wil je eerst iets meer weten over de lijnen in diergeneeskunde.

Dierenartsen maken onderscheid in eerste lijns zorg, tweedelijns zorg en derdelijns zorg. Het onderscheid lag van oudsher heel helder in aanvullend apparatuurgebruik en alle mogelijke kennis die daarbij hoort.

Onder eerste lijns zorg verstaan we preventie (vaccinaties, gebitsbehandelingen) en natuurlijk ook het behandelen van zieke paarden, de spoeddienst, paarden die hoesten, met huidproblemen, wonden enzovoorts.

Vroeger stond alle apparatuur op een kliniek dus al het gerelateerde werk noemen we het tweedelijns kliniekwerk. Denk aan alle mogelijke scopien, kreupelheidsonderzoeken, echo, rontgen enz.

De derde lijn is MRI en CT en liggende chrirugie bij paarden. Dat hebben de meeste paarden nooit nodig, maar soms wel. Derde lijn is niet mobiele apparatuur en men werkt met Europees Specialisten die extra universitaire kennis voor dat specifieke gebied.

Veranderingen via ontwikkelingen in apparatuur

We verrichten alle eerste lijns dienstverlening op locatie. Maar openden in 2004 ook onze fijne 2e lijns kliniek in Zwaanshoek. De apparatuur in de tweede lijn, daar gingen we dus alles over leren, wat er over te leren valt.

Dat is na de universiteit voor dierenartsen nog flink wat, dus dit hield ons leuk zoet. In de loop der tijd werd apparatuur steeds mobieler, een voornaam gedeelte is nu mee te nemen naar een stal. Echter, alle mogelijke mobiele apparatuur loopt op diepergelegen delen in het paard nog wat terug in scherpte. 

Kortom, gaandeweg gingen we steeds meer dingen, ook op stal doen. Niet omdat het moet bij gebrek aan praktijklocatie, maar als het kan doen we het wel. 

Alleen de dingen die mobiel te veel kwaliteitsverlies kunnen betekenen, doen we liever niet op stal. Daarmee volgen we dus de lijn, die verreweg de meeste praktijken met praktijklocatie uiteindelijk voeren.  

Gedegen integratie lijnen

Inmiddels hebben we veel mobiele apparatuur maar ook weer nieuwere vaste apparatuur zoals vaste echo en vaste röntgen op de praktijk. Die apparatuur kan weer iets dieper en soms is dat erg bruikbaar. 

Vervolgens doen we in overleg met eigenaren de dingen mobiel, die goed mobiel kunnen. We doen dit echter wel graag zonder verlies in diagnosekwaliteit, bewaking/opvolging van de patient of verlies van veiligheid van paard of voor onze artsen. Dit beleid wordt inmiddels ook gevolgd door de meeste paardenartsenpraktijken, tenzij er natuurlijk geen praktijkgebouw is. Dan is er immers geen keuze. Dan horen we vaak dat alles heel goed op locatie kan, maar dat is soms wel een noodzakelijke-situatiegedreven mening. 

2e lijns kennis goed mobiel

We begrijpen goed dat sommige eigenaren hulp op stal soms sterk prefereren. Daarom helpen we zeker mobiel, wat voldoende goed mobiel kan. We zijn daarbij ook zeker geen 1e lijns uitvoerders, met veel te veel apparatuur in de bus maar soms toch veel gebrekkige kennis er naast. Dat is ook weer meer situatiegedreven en dat is niet altijd handig.  

Dat is de reden dat in de uitvoering de eerste en tweede lijn dicht bij elkaar moet liggen, alleen zo kunnen we per situatie snel schakelen naar de juiste omstandigheden voor kwaliteitswaarborging.    

Tweedelijns werk doet men daarom overal toch nog steeds heel veel op de kliniek, waar toch de meest optimale en hele rustige omstandigheden zijn, om het paard stap voor stap te onderzoeken. Die zijn niet op iedere stal aanwezig. 

Kwaliteit is leidend

Je doet onderzoeken met een reden. Onnodige kwaliteitsverval voorkomen we graag. Gelijkertijd maken we wat goed mobiel kan, dus graag mobiel.  

Hieronder volgt onze standaard indeling, maar bij vragen of bijzonderheden kun je natuurlijk altijd bellen!

Globale indeling

  • Op stal doen we natuurlijk altijd:
  • Vaccinaties, hulp bij ziekten, huidproblemen, wondbehandelingen enz.
  • Alle gebitsbehandelingen met uitzondering van achtergelegen kiezen trekken.
  • Spoedhulp
  • Gynaecologie (mits de omstandigheden op stal goed genoeg zijn). 
  • Castratie halfbedekt (mits omstandigheden goed genoeg zijn)
  • Klinische keuringen en RO benen op stal (mits werkomgeving goed genoeg)
  • Onderzoek bij kreupelheid en rontgen (mits werkomgeving goed genoeg). Alle echo/peesscans
  • Alle scopieen voor paarden kunnen ook mobiel
  • Osteopathie of chiropractie

Alleen op de praktijk

  • Uitgebreide keuringen met rug en hals.
  • Complexere kreupelheidsonderzoeken en verder onderzoek van toplijnproblemen. 
  • Kiezen trekken
  • Stamcel, PRP, inspuiten onder echobegeleiding bij voorkeur op de praktijk (rust, in de stand en echt zo steriel mogelijk is zeker in het belang van uw paard).
  • Alles wat op praktijk handiger voor u en ons werkt! Denk aan het paard dat moet vasten, als een paard erg snel slaat enz

Optioneel bij ons op de praktijk ook (voor ons handiger, voor eigenaren goedkoper)

 

  • Ochtendspreekuur vaccinaties en sedatie en gynaecologie
  • Zware wonden waar we veelvuldig verbanden wisselen op stal
  • Als het paard meerdere spoelingen nodig heeft (bijvoorbeeld tegen zand in de darm) dan komt het vaak bij ons op stal.
  • Overnachten van het paard is mogelijk voor of na behandeling, als dit handiger is.
onze werkregio

Paardenartsen in
Noord-Holland en Zuid-holland

Onze exacter werkregio in Noord-Holland en Zuid-Holland kun je hier bekijken:

Werkomstandigheden en invloed kwaliteit

 Op onze praktijk is alles paraat en heel geschikt, dat kan op stallen anders zijn! 

De mogelijkheid naar sterkere apparatuur te grijpen, een super handige stand, een goed ingericht en rustig terrein, een extra assistente die weet wat ze wanneer moet doen, goede harde en zachte volte en monsterbaan en overdekte wachtplaats met het paard en binnenbaan, beter steriel werken, na zwaardere ingrepen hebben we het paard wat langer onder controle enz. Deze punten kunnen wel degelijk veel invloed hebben op kwaliteit in dierenartsenwerk, daarom is het belangrijk kritisch te blijven wat op een stal wel en niet aanwezig is. Dat is per stal zeer verschillend.  

Tweede lijn

De eerste lijn is een lijn waarin jonge artsen beginnen met werken. Dat is logisch, want in deze lijn is best veel standaard. Echter, alle standaard moet wel helemaal goed en ook zijn er minder standaard ziekteprocessen. Daarvoor is er toch ook altijd veel overleg met ervaren collega’s nodig en soms is het nodig dat deze actief bijspringen.

In de tweedelijn waar dus meer apparatuurgebruik is zijn er vervolgens gemakkelijkere, maar zeker ook veel moeilijkere onderzoeken en behandelingen. Geeft men een eerstelijns arts gelijk alle mobiele tweedelijns apparatuur in een bus mee, dan zit er zodra het iets moeilijker wordt echt nog een gat van enige jaren zeer specifieke extra nastudie en ook van werkervaring in de tweedelijn.

Wij kijken dus liever per situatie, welke apparatuur met een arts mee gaat maar ook welke arts met de apparatuur.  

Op praktijk goedkoper

Sommige dingen zijn op praktijk goedkoper, in het algemeen werken we graag via de werkelijke tijdsbelasting.  Tussen 8 en 9 op het spreekuur kunnen eigenaren met paard bijvoorbeeld in trailer aan rijden voor vaccinaties en gynaecologie. Ook kun je dan met je hoefsmid bij ons terecht, als het paard daar wat stevigere sedatie bij nodig heeft of de pony gelijk wil bekappen op basis van een rontgenfoto enz. 

Contact ?

Bij spoed: niet mailen of appen maar liever persoonlijk contact.

Indien geen spoed:

Spoed?

Géén APP/ SMS (doorgeschakeld)

Spoed?

Géén APP/ SMS (doorgeschakeld)